terug

Lezen: 1 Samuel 15:20-26


Koning Saul krijgt de opdracht om de Amalekieten te verslaan. De Amalekieten hebben indertijd het volk Israël in de woestijn aangeval­len.
Nu is het moment aangebroken om dat volk daarvoor te straffen. Het moet volkomen uitgeroeid worden.
Niemand mag in leven blijven, geen mens en geen dier. Saul spaart echter het leven van koning Agag en van het beste vee;
de dieren neemt hij mee om ze aan God te offeren.

 

GEHOORZAMEN

Daar heb je weer zo’n hard verhaal uit het Oude Testament! Een heel volk moet compleet worden uitgeroeid!
En koning Saul wordt verworpen als koning van Israël omdat hij geluis­terd heeft naar het volk!
Want het volk wilde nog wat dieren in leven laten om die aan God te offeren!
Je zou denken: dat is toch een prachtig idee! Daar zou de oude Samuël blij mee moeten zijn!
Maar niets van dat al!
Saul - hij geeft het toe - Saul had moeten gehoorzamen.
Hij had precies moeten doen wat God hem zei.
Gehoorzamen is beter dan slachtof­fers!
Luisteren is beter dan het offeren van het beste offer­dier!
Wat je nu ook verder over deze gebeurtenis zou willen zeg­gen, een ding is duidelijk: je kunt met vrome bedoelingen God voor de voeten lopen!
Daar zijn wij mensen erg knap in.
De beste smoesjes verzinnen we om maar niet te doen wat God ons heeft gevraagd.
We brengen liever een offer dan dat we werkelijk radicaal afrekenen met de kwade machten die ons leven beheersen.
We stoppen een gulden extra in de col­lectezak.
We lezen een langer stuk uit de bijbel of we bidden een keer meer dan we gewend zijn -
als we maar niet behoe­ven te doen waar God ons eigenlijk om vraagt: radicaal op te houden met dat wat ons leven verwoest.
 
Eén koning was anders dan Saul. Een koning gaf zichzelf ten offer.
 Eén koning rekende radicaal af met de macht van kwaad en haat: Jezus, de Zoon van David.

 

Gebed:
 
Machtige Vader, ongehoorzaam zijn we, telkens weer. Help ons om alles uit ons leven te bannen....... alles wat Uw Rijk verwoest.

 

amen-2