Hand in hand

 
Lezen: Jesaja 41:8-13

 

Geen wonder dat Israël bang is. Het is in Babel, in ballingschap, te midden van een vreemd volk.
Gevangen, weggevoerd, omringd door vijanden, afgoden, vreemde woorden en vreemde gebruiken. Israël kijkt angstig rond.
Maar in die benauwdheid klinken de woorden van Jesaja, woorden van Israëls God.

 

HAND IN HAND

 

Israël kan geen kant meer op. Angstig kijkt het om zich heen. Wat moet dat worden? Hoe zal dat gaan?
Maar dan - een stem.
Wees niet bang, Israël, vrees niet, Ik ben met u! God laat Zijn volk niet los.
Hij heeft Abraham gehaald uit een uithoek van de wereld, uit Ur, daar ver weg, in het oosten.
Hij heeft Israël uitgekozen om Zijn volk te zijn, een licht in de wereld, een banier voor de natiën.
Denk je nu werkelijk dat Ik je loslaat, Israël? Kijk maar niet zo angstig om je heen.
Ik help je. Ik ondersteun je met Mijn rechterhand.
Ik grijp jouw rechterhand vast.
Israëls hand. Israëls rechterhand.
De rechterhand is de hand die het werk doet, de hand die kracht heeft, de hand waar- mee je schrijft, als je niet links bent.
De rechterhand, dat is de hand waarin de kracht van je lichaam wordt bewaard.
Je wapen, waarmee je je verdedigen kunt.
Die hand, die rechterhand, die pakt God vast.
Hij ondersteunt met Zijn rechterhand Israëls rechterhand.
Je ziet het voor je: God en Israël, hand in hand.
Israël zal nieuwe kracht ontvangen. De vijand zal niets kunnen beginnen.
Gods rechterhand is hoogverheven, des Heren rechterhand is sterk!
Hand in hand. Soms weet je niet hoe het verder moet.
Soms ben je te zwak om nog een hand uit te steken.
Soms ben je verlamd, van schrik, van pijn, van angst.
Soms wordt het leven je bij de handen afgebroken.
Maar zie, dan is daar, juist in de beklemming van de ballingschap, een hand!
Gods rechterhand doet grote dingen, Gods rechterhand heeft grote kracht!
 
Gebed: 
 
Trouwe God, U weet hoe bang we soms zijn. Neem onze hand in de Uwe. Uw rechterhand, laat die rondom ons zijn.

 

amen-2