Hand in hand
Geen wonder dat Israël
bang is. Het is in Babel, in
ballingschap, te midden van een
vreemd volk.
Gevangen, weggevoerd, omringd door
vijanden, afgoden, vreemde woorden
en vreemde gebruiken. Israël kijkt
angstig rond.
Maar in die benauwdheid klinken de
woorden van Jesaja, woorden van
Israëls God.
HAND IN HAND
Israël kan geen kant meer
op. Angstig kijkt het om zich heen.
Wat moet dat worden? Hoe zal dat
gaan?
Maar dan - een stem.
Wees niet bang, Israël, vrees niet,
Ik ben met u! God laat Zijn volk
niet los.
Hij heeft Abraham gehaald uit een
uithoek van de wereld, uit Ur, daar
ver weg, in het oosten.
Hij heeft Israël uitgekozen om Zijn
volk te zijn, een licht in de
wereld, een banier voor de natiën.
Denk je nu werkelijk dat Ik je
loslaat, Israël? Kijk maar niet zo
angstig om je heen.
Ik help je. Ik ondersteun je met
Mijn rechterhand.
Ik grijp jouw rechterhand vast.
Israëls hand. Israëls rechterhand.
De rechterhand is de hand die het
werk doet, de hand die kracht heeft,
de hand waar- mee je schrijft, als
je niet links bent.
De rechterhand, dat is de hand
waarin de kracht van je lichaam
wordt bewaard.
Je wapen, waarmee je je verdedigen
kunt.
Die hand, die rechterhand, die pakt
God vast.
Hij ondersteunt met Zijn rechterhand
Israëls rechterhand.
Je ziet het voor je: God en Israël,
hand in hand.
Israël zal nieuwe kracht ontvangen.
De vijand zal niets kunnen beginnen.
Gods rechterhand is hoogverheven,
des Heren rechterhand is sterk!
Hand in hand. Soms weet je niet hoe
het verder moet.
Soms ben je te zwak om nog een hand
uit te steken.
Soms ben je verlamd, van schrik, van
pijn, van angst.
Soms wordt het leven je bij de
handen afgebroken.
Maar zie, dan is daar, juist in de
beklemming van de ballingschap, een
hand!
Gods rechterhand doet grote dingen,
Gods rechterhand heeft grote kracht!
Gebed:
Trouwe God, U weet hoe bang we soms
zijn. Neem onze hand in de Uwe. Uw
rechterhand, laat die rondom ons
zijn.
